Intermediare Vererving


 Contact

 Fotoalbum

 Shows

 Nestjes

 Te koop

 De Kleine
 Lotharinger

 Vererving

 Hoe gaat
 het met


 Aanschaf/
 verzorging


 Duitse
 hangoren

 Links
 
 De vererving van de "vlinderrasen" (Gr + Kl Lotharinger, Rijnlander, Papillon)
 De vererving van de Kleine (en Grote) Lotharinger is anders dan je in eerste instantie zou verwachten, deze is
 namelijk niet constant! Dit wordt ook wel intermediaire vererving genoemd. Dat wil zeggen, als je een getekende
 Lotharinger aan getekende Lotharinger paart dan krijg je niet alleen maar getekende dieren in het nest. Maar wat je
 wel krijgt is 25% eenkleurige dieren, 50% getekende dieren en 25% te licht getekende. (1 : 2 : 1) Deze te licht
 getekende dieren noemt men ook wel "charlies", deze naam hebben ze gekregen omdat ze het middenstuk van
 de neusvlinder (de doorn) missen en daardoor op Charlie Chaplin lijken. Het is wetenschappelijk bewezen dat deze
 dieren over het algemeen zwakker zijn en eerder ziek worden/eerder zullen sterven dan de andere dieren. De meeste
 fokkers halen deze dieren daarom al bij de geboorte uit de nesten om ze een ziek en kort leven te besparen. Maar er
 zijn uitzonderingen daargelaten, sommige charlies worden wel goed en gezond groot.

 
 Dit is een schema wat ik uit het Kleindiermagazine heb ingescand, deze geeft ook de vererving van de Lotharinger weer.

 De Theorie 
 Toen in 1900 de verervingsregels van Mendel opnieuw ontdekt werden, werd er een verervingswijze waargenomen
 die niet in overeenstemming scheen met de regels van Mendel. De ontdekker, Botanicus Correns ontdekte dat er
 een vorm van vererving was waar men in de eerste generatie een mengeling van twee vormen en een tussenvorm
 krijgt. Een voorbeeld daarvan is de proef die hij uitvoerde met een rode en een witte bloem. In de eerste generatie
 kreeg hij hier alleen roze bloemen van, dus een tussenvorm. (tussen rood en wit in). Bij onderlinge bestuiving van deze
 bloemen verschenen er in de tweede generatie witte, roze en rode bloemen en wel in de verhouding 1 : 2 : 1. De rode
 bloemen gaven in de derde generatie uitsluitend rode bloemen evenals de witte uitsluitend witte bloemen gaven.
 Hieruit blijkt dat deze dus zuiver zijn voor hun kleur. Echter gaven de roze bloemen ook in de derde generatie weer
 witte, roze en rode bloemen in de verhouding 1 : 2 : 1. Dus precies hetzelfde als de Lotharinger vererfd, als je de rode
 bloem voor een eenkleurig dier aanziet, de witte voor een charlie en de roze voor een getekende. De getekende is
 (evenals de roze bloem dat is van de rode en witte bloem) een tussenvorm van de eenkleur en de charlie.